Sommige mensen gaan op zondag wandelen.
Anderen kijken naar de Formule 1.
Wij begonnen met een muis.
“The irony of it all, Pinky…”
Een paar minuten later zei iemand “Moo.”
Nog iets later werd dat “Kwak.”
Daarna “Pffff.”
En toen was er geen weg meer terug.
Via skûtsjesilen in Langweer, een dorp vol “Hé! Hooi! Hoe ist?”, een scharrel, een kelder, een autocollectie van vijftig miljoen, een John Deere, Meghan Trainor, het Müller-orgel in Haarlem, een fictief ondergronds ESA-systeem en een reeks Excel-formules waar zelfs Microsoft waarschijnlijk een supportticket voor zou openen, kwamen we uiteindelijk uit bij de ontdekking dat de eend helemaal geen Donald heet.
Hij heet Bram.
Volgens Bram wel.
Dat is misschien wel de mooiste eigenschap van een zondagmiddag.
Er hoeft niets uit te komen.
Je hoeft geen probleem op te lossen.
Soms is een goed gesprek al voldoende.
Je volgt een gedachte, die leidt naar een herinnering, die verandert in een grap, die uitmondt in een verhaal. Halverwege vraag je je af hoe je in hemelsnaam van een kelder bij een kerkorgel bent beland. En precies op dat moment besef je dat je waarschijnlijk iets te ver bent doorgeschoten.
Niet erg.
Dat hoort bij irrasociëren.
Irrasociëren is geen verdwalen.
Het is nieuwsgierig genoeg zijn om af en toe expres de afslag te missen.
En heel soms kom je daardoor op een plek waar je anders nooit was gekomen.
Bijvoorbeeld bij de ontdekking dat de eend Bram heet.
Dat was het waard.
Aan het eind van de middag draaide Kashikiku OS nog één keer zijn systeemcontrole.
✓ Excel-engine
✓ Kwak-module
✓ Irrasociatiemodule
✓ Levenskunst
✓ Koffie
SYSTEM READY.
Er hoefde niets meer bij.
De koffie was nog warm.
Horsewei stond nog steeds op de horizon.
En ergens in een denkbeeldige schuur stond een John Deere rustig te wachten op gras dat morgen vanzelf weer zou groeien.
A Sunday Afternoon Well Spent.
Soms is dat genoeg.
Kwak. 🦆
